Een patriottisch reveil in de woestijn van Qatar?

Door Karl Vanlouwe op 2 oktober 2012, over deze onderwerpen: Politiek

PS-minister Paul Magnette hoeft zich gelukkig niet alleen in te laten met de perikelen bij de NMBS. Als federaal minister van ontwikkelingssamenwerking en wetenschapsbeleid vertoeft hij regelmatig op internationale conferenties en in diplomatieke salons. Vanuit deze buitenlandervaring schrijft hij in zijn column in De Standaard (2/10/2012) hoe hij een Belgisch-patriottisch reveil ziet dagen: “Hoe verder van Brussel verwijderd, hoe minder de identiteiten van onze gemeenschappen voorstellen”. Als voorzitter van de Senaatscommissie Buitenlandse Zaken ervaar ik – niemand zal mij dit kwalijk nemen – dit toch even anders.

Allereerst dit. Magnette heeft het bij het rechte eind als hij zegt dat onze landgenoten in het buitenland – bedrijfsleiders, academici, kunstenaars – beroep doen op het netwerk van de Belgische diplomatie. Tot nader order staat er op de voorkant van ons paspoort nog altijd ‘Koninkrijk België’. En iedereen die op reis in het buitenland al eens zijn portefeuille verloor, weet dat hij dan alleen terecht kan bij het Belgische consulaat.
 
Ook bedrijfsleiders maken gebruik van de contacten van onze ambassadeur ter plaatse. Het hangt een beetje af van zijn of haar goodwill of hierin ook de vertegenwoordigers van de deelstaten worden betrokken. Maar dit is een andere discussie, die ik niet hier wil voeren. Zolang er op een volwassen manier kan worden samengewerkt tussen de federale en de regionale diplomaten, en toestanden zoals op ons consulaat in New York kunnen worden vermeden, wil ik in deze economisch turbulente tijden best pragmatisch zijn.

Voorbarige conclusies

Maar hieruit zomaar de conclusie trekken dat dit de voorbode is van een nieuwe vorm van Belgische trots, is toch wel bijzonder voorbarig. Maar weinig Belgische expats in het buitenland hebben bij een bezoek aan een Belgisch consulaat het gevoel dat ze ‘thuis komen’, zeker wanneer de beambte achter het loket weer eens hun moedertaal niet machtig is. Magnette somt enkele zeer clichématige aantrekkingspolen van België op: Kuifje, spruiten, chocolade, … iedereen heeft ze tot vervelens toe al gehoord. Hij heeft het zelfs over een Belgische cafeetje in het buitenland, waar iemand zich zelfs aan de Brabançonne waagde. Mooi voorbeeld! Ware het niet dat “deze zwart-geel-rode versie van de Irish pub” zich in de woestijn van Qatar bevond. Kan het nog artificiëler?
 
In mijn functie van voorzitter van de Senaatscommissie Buitenlandse Zaken heb ik ook regelmatig contact met landgenoten in het buitenland, met regionale en federale diplomaten, met bedrijfsleiders, enz. Er is geen enkele reden om aan te nemen dat deze mensen zich ‘patriottischer’ zouden opstellen. Zij zijn net zo divers als u en ik, met meningen die heel ver uiteen kunnen liggen.
 
Uiteraard, op een receptie georganiseerd door de Belgische ambassadeur, met aanwezigheid van een federale excellentie, zal elke investeerder optimaal gebruik maken van de kansen die hem worden aangereikt: onder welke vlag dit gebeurt, doet er op dat moment weinig toe. Een gegeven paard kijkt men niet in de bek. Dit is overigens ook zo op activiteiten georganiseerd door de regionale vertegenwoordigingen. Ook daar wordt het eigen netwerk ontwikkeld en doet men aan exportpromotie. Niet via Kuifje, en – ik kan Magnette geruststellen - ook niet via “illustere onbekenden” zoals Suske en Wiske, maar met de Flanders Port Area of onze high-tech industrie.
 
Cuberdons

Een gelijkaardig verhaal geldt voor de economische missies van de kroonprins. Dat bedrijven zich hierop inschrijven heeft weinig te maken met de ‘Belgian touch’, laat staan met enige voorliefde voor de Saksencoburgs. Wel met de hoop nieuwe investeringsmarkten aan te boren. Dat deze prinselijke missies populair zijn, heeft vooral te maken met de contacten die door de bedrijven zelf, ondersteund door onze regionale attachés, reeds vooraf zijn vastgelegd en met de kans dat deze bedrijven zich in groep kunnen voorstellen. Het federale Agentschap van Buitenlandse Handel functioneert hier alleen maar als reisbureau van de kroonprins.
 
Een patriottisch reveil zal er dus niet komen door de populariteit in het buitenland van Kuifje of van de cuberdons. Wie dat beweert staat mijlenver van de realiteit, of vertoeft te veel in de woestijn van Qatar.

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is